|
Salve Regina
|
 |
« on: 08 March, 2009,; 12:09 » |
|
Ik heb gisteravond en vanochtend dit hoofdstuk gelezen en vind het gewoon een prachtig hoofdstuk. 't Is moeilijk om te vertellen wat me allemaal aansprak, maar ik doe hieronder toch een poging.
De Heilige Geest daalt neer op Jezus als Jezus door Johannes gedoopt wordt. Aldus wordt hij gezalfd. Hij is de Gezalfde, de Messias, lang verwacht. Hij wordt bekleed met koninklijke en priesterlijke waardigheid. Dit is de opdracht waarmee Hij door het leven gaat.
Onmiddellijk voert de Geest Hem nar de woestijn om “door de duivel op de proef gesteld te worden”. Aan het handelende optreden gaat bezinning vooraf. Een worsteling om de opdracht te leren kennen. De kern van de zending van Jezus ligt er in dat Hij in het drama van het menselijk bestaan binnen gaat, het in alle hoeken moet doorzoeken, moet ndergaan, om zo het “verloren schaap” te vinden, op de schouders te nemen en in veiligheid te brengen. Dit bepaalt Zijn levensweg.
Het verhaal over de bekoringen staat in nauw verband met het doopsel, waarin Jezus zich solidariseert met de zondaars.
De woestijn wordt een oord van verzoening en genezing.
De bekoringen van Jezus weerspiegelen zowel de worsteling om zijn opdracht, als de vraag waar het in het mensenleven nu eigenlijk om draait. Bouwen wij de wereld op met of zonder God?
Tot het wezen van de bekoring hoort dat ze zich moreel voordoet: ze nodigt ons niet rechtstreeks uit om het kwade te doen. Ze doet alsof ze het goede op het oog heeft: we moeten eindelijk de illusies eens loslaten en ons met daadkracht gaan wijden aan de verbetering van de wereld. D.i. de tastbare wereld. De dingen van God zijn daarbij overbodig.
De bekoringen van Jezus betreffen: - Honger na veertig dagen en nachten vasten: De veertig vastendagen vertegenwoordigen het drama van de wereldgeschiedenis, dat Jezus in zich opneemt en tot het einde toe draagt. Spot en bekoring gaan hand en hand. De honger onder de mensen Alfred Delp, S.J. verwoordt het zo: “Brood is belangrijk, vrijheid is belangrijker, het allerbelangrijkste is trouw die niet gebroken wordt en aanbidding, die niet wordt verloochend”. - Theologische twistgesprek tussen de duivel en Jezus. De duivel spreekt over Gods bescherming voor de mens die gelooft. Bijbeluitleg als instrument van de antichrist. Tegenwoordig wordt de Bijbel flink langs de meetlat gelegd van het moderne wereldbeeld: God kan niet handelend optreden in de geschiedenis. Alles wat God aangaat is subjectief. Het gaat om het Godsbeeld. Wie is God? - De duivel brengt Jezus in een visioen op een hoge berg. Hij laat Hem alle koninkrijken van de wereld zien met al hun pracht en biedt Hem het koningschap over dat alles aan. Dat is toch precies waartoe de Messias gezonden is? De Heer heeft echter macht in de hemel en op aarde. Alleen wie die totale macht bezit, heeft de werkelijke, reddende macht. Zonder de hemel blijft aardse macht altijd dubbelzinnig en breekbaar. Alleen macht die Gods zegen heeft, kan betrouwbaar zijn. Jezus bezit deze macht als Verrezene. Deze macht veronderstelt een andere berg, Golgotha, het kruis, Zijn dood.
De vraag die ons in het hele boek bezighoudt is:
Wat heeft Jezus eigenlijk gebracht, als dat niet de wereldvrede is, niet welvaart voor allen, niet een betere wereld? Wat heeft Hij gebracht?
Het antwoord is simpel: God. Jezus heeft God gebracht aan de volekeren op aarde. Wij kennen nu zijn gelaat, wij kunnen Hem aanroepen. Wij kennen de weg die wij als mensen in deze wereld moeten inslaan. Jezus heeft God gebracht en daarmee de waarheid over onze herkomst en onze toekomst: het geloof, de hoop en de liefde. Ze blijkt in de wereld de enig duurzame, reddende kracht te zijn.
|