Ze vertelde dat het boek gaat over een man die sterft, een rechter die op zijn sterfbed ligt en die alle mogelijke levensvragen aan zich voorbij ziet gaan. Cruciale vragen die hij zich stelt zijn: waarom ben ik rechter geworden, waarom ben ik getrouwd, waarom heb ik kinderen ? En hoe zieker hij wordt, hoe eenzamer hij wordt en hoe meer hij beseft hoe zijn leven een grote leugen is geweest. Hij komt tot de conclusie dat hij niet naar zichzelf heeft geluisterd, maar naar de maatschappelijke druk. Hij is rechter geworden omdat hij uit een prestigieuze familie kwam. Hij heeft een vrouw en kinderen omdat iemand, een man van zijn caliber, zeerzeker een vrouw en kinderen moet hebben.
Ik vraag me hierbij toch wel het volgende af:
Hoewel deze man pas op zijn sterfbed zichzelf deze levensvragen stelt, is het toch niet zo dat zijn leven tevergeefs is geweest?
Hoe zit het dan met plicht en het nemen van verantwoordelijkheid? Hij heeft als rechter toch geprobeerd om een goede, rechtvaardige rechter te zijn? Hij heeft toch verantwoordelijkheid genomen en gedragen voor zijn vrouw en kinderen?
En is daarbij toch trouw gebleven aan de keuzes, die hij - al of niet bewust - ooit in zijn leven heeft gemaakt?
Het kan toch niet zo zijn dat we maar doen al naar gelang de wind waait?
