Ik vind ook dat de ernst van de handcommunie onderschat wordt (een van die dingen waar ik in de afgelopen paar jaar opgekomen ben en waarvan mensen vinden dat ik niet moet zeuren

). De kans op het verspreiden van kruimels is al reden genoeg, meer dan genoeg. Maar de grotere eerbied is ook iets waar we moeilijk te weinig van kunnen hebben.
Ik zeg, allemaal op de knieen en steek lekker je tong uit naar de pastoor (dat laatste zullen overmatig liberalen alleen maar leuk vinden

)
1. De modernisten en in de jaren '60 zelf gehersenspoelde "kritisch-progressieve" leken en geestelijken zeggen altijd dat de tong zondiger zou zijn dan de handen. Maar dat is een leugen en een non-sequitur, daar bij de handcommunie de leek zichzelf de heilige hostie toedient en vervolgens ook op de tong verteert.
2. Het gaat dus niet om "kruimels" a.u.b., maar om partikels van de H. Hostie, die de volle Goddelijke aanbidding vereisen van elke katholiek. Ik zou eens willen aanbevelen om de Oude Kerkvaders hierover te lezen, en de uitgebreide op de Christelijke Oudheid teruggaande voorschriften in bijv. de Byzantijnse of de Romeinse Ritus. Men nam zelfs na de H. Communie (ook de leken) met een gouden zgn. fistula (gouden buisje) niet-geconsacreerde wijn uit een wijnvat bij de uitgang om nogmaals na de dankzegging en de zegen en heenzending, de mond te reinigen zodat niet één (reeds doorweekt) partikeltje zou uitgespuwd worden (per ongeluk) bij het eten of praten na de Eucharistie. De fistula ging later verloren, maar in de ("Tridentijnse") Pauselijke Plechtige Mis bleef zij behouden.
3. Nogmaals, de funeste invloed van de handcommunie op met name niet-katholieken (bij aanschouwing zou een protestant reeds vragen zetten bij of deze katholieken nog wel de transsubstantiatie geloven; een protestantse dominee vertelde eens dat hij zelfs kruipend naar de communiebank zou gaan, als hij echt zou geloven dat Christus daar geheel met ziel en Godheid tegenwoordig is), zeer lauwe katholieken en vooral kleine kinderen. De eerbied, de aanbidding, de rechtzinnige opvatting van wat de H. Eucharistie is, het is allemaal verloren gegaan.
In de Nederlandse parochies wordt de Almachtige Heer (indien men er vanuit gaat dat de Consecratie in die progressistische vieringen nog geldig is) als minder behandeld dan een aardappelchips-stukje of een toastje met zalmsalade. Geen enkele blasfemische onachtzaamheid en ontering gaat blijkbaar te ver. Ik ken de verhalen van organisten dat zij zagen dat kosters ongeconsacreerde hosties in het tabernakelciborium vermengden ("Dat merkt toch niemand, joh!"), dat kosters H. H. Hosties in de vuilcontainer gooiden na de "mooie viering", dat ingedikte voorheen geconsacreerde wijn aan kelken kleeft, of dat cibories in sacristieën zóveel partikels bevatten die niet uitgereinigd en door de priester of diaken genuttigd worden, dat je er in totaal een nieuwe Hostie van kon maken. En daar dit volgens het getuigenis van Romeinse kardinalen, aartsbisschop Ranjith en andere geestelijken zelfs tijdens pauselijke eucharistievieringen in de moderne vorm plaatsvindt, is duidelijk dat dit geen incidenten zijn, maar een structurele vernietiging van alle eerbied en geloof.
Het modernisme ontkent de bovennatuur, of op zijn minst het contact ermee. Dus kan er voor hen geen sprake zijn van echte transsubstantiatie (wezensverandering van de offergaven) of waarachtige tegenwoordigheid. Net als de gnostici zeggen zij dat de bovennatuur zich niet met de natuur kan verenigen of daarin "plaatsnemen" of zich daarvan bedienen.
Ik kan mij gezien deze diepte van de crisis heel levendig en zonder vooroordelen voorstellen dat gelovige mensen - met basaal katholiek inzicht - zelfs tot de conclusie kunnen komen dat de "Kerk van Vaticanum II" en het "moderne Vaticaan" niet meer vereenzelfigd kunnen worden met de reëel bestaande Rooms-Katholieke Kerk en de H. Stoel van Petrus.
Voorstellen, mee eens zijn is een ander verhaal. Ik ben theoreticus, legalistisch, juridisch, en systematicus, en ga niet op emoties af. Ook wanorde en gebrek aan discipline van apocalyptische proporties zoals thans, vervult nog niet de materie van een formele en publieke ketterij, en clerici in doodzonde (mogelijk vanwege deze vergrijpen) verliezen nog niet hun rechtsmacht (laat staan wijdingsmacht) in de Kerk van Jezus Christus. En nog meer afwegingen.
Maar wie ogen en oren heeft, en die ziet en hore, die begrijpt dat je het verbitterde gelovigen die deze gedachten aannemen niet kwalijk meer kunt nemen.